Posts tonen met het label Public Choice. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Public Choice. Alle posts tonen

dinsdag 15 december 2009

Game Theory with Ben Polak

Hier

Een hele Yale course over game theory. Zelf nog niet bekeken, maar 'k ben precies wel geïnteresseerd om daar wat naar te kijken.

De titels zien er in ieder geval interessant uit. 'k ben nu naar de eerste lecture aan't beluisteren en het valt wel mee.

Update: Hier vindt je alle lessen, met transcripts van de lessen, waardoor je het simpelweg kan nazelen in plaats van te luisteren. Ieder zijn eigen voorkeur.

donderdag 10 december 2009

Review: 'After war' ~ Christopher Coyne

After war: The Political Economy of Exporting Liberal Democract ~ Christopher Coyne

De centrale vraag van het boek AW is of je een liberale democratie kan exporteren in andere landen met behulp van het geweer. In het eerste hoofdstuk is de empirische conclusie uit de data dat de pogingen van de USA om dit te doen overwegend gefaald zijn. (Meer zelfs: in het overgrote gedeelte van de gevallen was er zelfs geen relatieve verbetering, i.e. het is zelfs niet gelukt om het land een beetje beter te maken.)

Het boek draait vooral om een theorie op te bouwen die hiervoor kan verklaren, en dit gebeurt in hoofdstukken 2 tot 5. In het tweede hoofdstuk wordt er (alweer) gebruikt gemaakt van Game-theory en het Coase theorem om te verklaren hoe coöperatie (in theorie) tot stand komt en wat de voordelen hiervan zijn. Belangrijk is zijn nadruk op de coördinatie van handelingen over vele individuen heen en het belang daarvan van correcte rechtsregels, interne normen, etc.

In het derde hoofdstuk benadrukt hij, aan de hand van 'democratie in Amerika' (van De Toqueville) het belang van een 'civil society' voor het (ontstaan en) werken van een liberale democratie. Een liberale democratie vereist wel bepaalde instituties en steun voor die instituties (en dus ook sociaal kapitaal.) Hij bespreekt ook de rol van een zekere padafhankelijkheid, i.e. hoe dat samenlevingen beïnvloed worden door de oude aanwezige instituties.
Hierin komt ook (naar wat ik oordeel) de crux van het gehele verhaal is naar boven; het conflict tussen enerzijds het politieke spel op microniveau en op macroniveau anderzijds. Op macroniveau is het immers evident dat vele landen beter af zouden zijn met werkende liberale democratieën. (Kleine noot: Coyne maakt duidelijk dat hij dit niet per se voorstaat, maar hij neemt dit doel als gegeven voor zijn boek.) Maar op microniveau zijn er altijd allerlei verschillende groeperingen in competitie die misschien vrezen dat ze macht moeten afstaan voor deze macro-uitkomst en daardoor niet geneigd zijn deze macro-uitkomst te steunen. Ergens ook te vergelijken met een spel waarbij het voordelig is voor iedereen om samen te werken, maar ieder individu in het spel heeft veel voordeel bij het niet meewerken aan het geheel.

In het vierde hoofdstuk bespreekt Coyne de interne problematiek van het land dat aan 'democratie building' gaat doen. Enerzijds zijn er public choice beperkingen (bureaucratieën die elkaar tegenwerken dan meewerken, competitieve belangengroepen, geen enkel bewijs dat kiezers stemmen voor de optimale beleidsmaatregels, etc.) en anderzijds zijn er de onbedoelde gevolgen van handelingen die de interventioneerder (vooral de USA in dit boek, om evidente redenen) veroorzaakt. (Coyne haalt bijvoorbeeld een case aan waar de USA een land volledig ontwapent heeft, waarna een generaal de macht kon grijpen omdat de burgerbevolking quasi geheel ontwapend was en daardoor geen weerstand kon bieden.)

In het vijfde hoofdstuk haalt Coyne de (gelukte) voorbeelden van Japan en West-Duitsland aan; waar zijn punt is dat dit vooral door de eerder aanwezige politieke cultuur was. (En dat er bewijs is dat het ondanks de pogingen van Amerika was dat daardoor politieke stabiliteit is gekomen.)

In het 6de hoofdstuk bespreekt hij de gefaalde pogingen van Haïtie en Somalië. Als iemand die hevig geïnteresseerd is in de geschiedenis en ontwikkeling van het moderne 'anarchistische' Somalië was dit een heel interessant hoofdstuk. De clancultuur komt (natuurlijk) uitgebreid aan bod en de vele veto-spelers in dat land. (Een inzicht van Coyne is dat de ontwikkeling van een centrale (liberaal-democratische) staat beperkt wordt indien er relatief veel significante groeperingen met hun eisenpakketten aan de tafel zitten om deze te ontwerpen. In Somaliê zijn er volgens Coyne veel verschillende relevante groeperingen (de clans, om te beginnen) met hun eisen, dus veel veto-spelers, dus heel moeilijk om een centrale staat op te richten.) Het probleem in Haïti is vooral de in 2-gedeelde samenleving (een 'elite' en 'de rest'), waar de ene niets van de ander moet weten en vice versa. In beide landen zijn er dus grote problemen om een centrale staat te aanvaarden, die vooral bekeken wordt als een parasitaire instantie.

In het 7de hoofdstuk worden de problemen besproken die ontstaan in Irak en Afghanistan om daar aan 'democratie building' te doen. Etnische verschillen, uitgebreide lobbykrachten van alle landen ter wereld, etc. zijn daar evidente kanshebbers.

In het 8ste hoofdstuk haalt Coyne dan enkele alternatieven aan. Kolonisatie wordt verwerpt omdat dit simpelweg nog veel meer problemen creërt, wegens nog intensiever vertrouwen op politieke processen. Het 'mindere' 'peace-keeping' project wordt ook verworpen, omdat het niet mogelijk is om enerzijds neutraal te blijven en anderzijds toch 'orde' te bewaren. (Je zal dan immers moeten kiezen tégen zij die de orde verstoren, ook al hebbenz ij misschien het gevoel dat wat zij doen rechtvaardig is.) Het alternatief dat Coyne vooropstelt is vrijhandel-vrijhandel-vrijhandel. Het is geeen panacee (zoals Cobden), maar is wel de beste kanshebber om duurzaam politiek-economische instituties te veranderen. (Ook citeert hij werk van Tyler Cowen dat aantoont dat vrijhandel goed is voor culturele beperkingen.)

Als geheel vond ik het geen slecht boek, alhoewel het nogal mager is. Misschien is dit express gedaan om de toegankelijkheid te behouden (het is slechts 200 bladzijden; 'k heb het hoofdzakelijk in 1 dag gelezen, tijdens het werk), maar het is daardoor ook wel beperkt. Een uitvoerigere bespreking van de relevante literatuur zou wel op zijn plaats geweest kunnen zijn; het is immers een problematiek die al een tijdje meegaat. Een ander punt is dat de 'vrije markt leidt tot liberale democratie' ook maar een beperkte draagkracht heeft; Hong Kong en Dubai zijn hierbij notoire voorbeelden.

Zeker een aanrader aangaande de problematiek, maar het had, met niet al te veel moeite, een rijker boek kunnen zijn denk ik.

woensdag 9 december 2009

David Friedman over de Joodse wet

Hier


Suppose you kill someone who is dying of a lethal disease. Maimonides concludes that that isn't really murder, since he would have died anyway—while pointing out that you have to be really sure he was dying of a lethal disease.

Now suppose someone who is dying of a lethal disease kills someone else. If, being a helpful sort, he commits the crime in the presence of the court, he has committed murder and can be convicted of doing so. If, however, he only commits the murder in the presence of witnesses, there is a problem.

Witnesses, in this case or others, might lie. In other cases, one thing discouraging them from perjury is that if it is discovered that their false testimony led to the execution of an innocent defendant, they will be found guilty of murder and themselves executed. But if their testimony leads to the execution of an innocent defendant who is himself dying of a lethal disease, they won't be executed, because killing someone who is dying of a lethal disease isn't murder.

Since the witnesses are not at risk of execution for perjury, they might commit it, so their testimony can not be trusted—cannot be taken as sufficient evidence to convict someone of murder. So if someone who is himself dying of a lethal disease commits murder, and doesn't do it in the presence of the court, he cannot be convicted.

There is a certain beautiful logic to this very screwy result.

Dit is toch wel raar te noemen, denk ik dan?

maandag 7 december 2009

Over klimaatsverandering

Ik ben geen wetenschapper, dus ik kan geen commentaar geven op de wetenschap achter klimaatsverandering. Wat ik wel trachten te doen, is enkele zaken onderscheiden van elkaar.

1. Het is 1 ding om aangetoond te hebben dat de mens de oorzaak is van de grote veranderingen de laatste jaren. Het is een andere om daaruit af te leiden dat we deze veranderingen zouden kunnen omkeren.

2. Het is 1 ding om de veranderingen in het verleden te reconstrueren, het is een andere om zomaar aan te nemen dat een toename in de co2 (enkel en alleen) zal zorgen voor een blijvende stijging van de temperatuur. Zover ik het zie, wijzen ze er allemaal op dat het klimaat door heel veel verschillende factoren beïnvloed wordt. Als je dus de toekomst gaat voorspellen, moet je modellen hebben die alle relevante factoren kunnen incorporeren. Het lijkt mij niet logisch onmogelijk dat bepaalde stijgingen in de temperatuur zal betekenen dat er bepaalde effecten optreden die er voor zorgen dat de temperatuur terug daalt. Daarmee heb ik niet gezegd dat dit is, maar dat is wel iets dat bewezen moet worden. (Ik vraag me af in welke mate je kan bewijzen dat je met 'alles' rekening hebt gehouden; hoe hou je rekening met het onvoorspelbare?)

3. De kwestie 'of er iets gedaan moet worden' is een economische/politieke, geen klimaatwetenschappelijke. En daarbij is het niet logisch noodzakelijk uitgesloten dat adaptie de beste strategie is om om te gaan met klimaatsverandering. Het is in de eerste plaats een gebrek aan kapitaalgoederen: als je gigantische dammen zou kunnen bouwen, dan zal het de landen in nood niet zoveel schelen dat ze 'in theorie' onder water lopen. Klimaatsverandering zo bekeken is dan vooral een probleem van niet genoeg middelen om ons aan te passen aan de veranderingen.

4. Zelfs als er 'iets gedaan wordt', is het nog niet logisch noodzakelijk zeker dat het verminderen van de co2 uitstoot alleen maar positieve gevolgen heeft. Het zou kunnen van wel, maar dat is alweer iets dat bewezen moet worden en niet iets waar zomaar van uitgegaan mag worden.

Buh; ongetwijfeld weet de wetenschap dit allemaal wel - anders is het maar slechte wetenschap - maar het is mij niet duidelijk dat de massa leken (waar ik ook toebehoor) dit wel doorheeft.

vrijdag 4 december 2009

Bryan Caplan zijn cursus voor het komende jaar

Over public choice kan je hier vinden.

Week 1: The Logic of Collective Action

Week 2: Voting, I: The Basics

Week 3: Voting, II: Information and Bargaining

Week 4: Voter Motivation, I: Selfish, Group, and Sociotropic Voting

Week 5: Voter Motivation, II: Ideological Voting

Week 6: Voter Motivation, III: Miscellaneous

Week 8: Wittman and Democratic Failure

Week 9: Expressive Voting

Week 10: Ignorance, Irrationality, and Aggregation: Theory and Evidence

Week 11: Behavioral Political Economy

Week 12: Dictatorship

Week 13: Constitutions

Week 14: Anarchy

Hayek zijn 'Economic Freedom & Representative Government'

Is nu beschikbaar!

Leuk citaat.

"Such a legislative assembly could be achieved if, first, its members were elected for long periods, secondly, they were not eligible for re-election after the end of the period, and, thirdly, to secure a continuous renewal of the body in accord with gradually changing... Lees verder opinions among the electorate, its members were not all elected at the same time but a constant fraction of their number replaced every year as their mandate expired; or, in other words, if they were elected, for instance, for fifteen years and one-fifteenth of their number replaced every year. It would further seem to me expedient to provide that at each election the representatives should be chosen by and from only one age-group so that every citizen would vote only once in his life, say in his fortieth year, for a representative chosen from his age-group."

Ik ben niet zeker of ik hier voorstander van ben, maar het is een leuk gedachteexperiment.